Uitgelicht onderzoek

Hoewel gevangenissen in veel geschiedenissen en verhalen over de bezettingsjaren een belangrijke bijrol spelen, is vrijwel geen onderzoek gedaan naar wat er tijdens de Tweede Wereldoorlog in Nederlandse gevangenissen is gebeurd.

Een cel in het Oranjehotel (Duitse gevangenis tijdens WOII) in Scheveningen (Beeldbank WO2)

Onderzoeker: dr. Ralf Futselaar
Looptijd: 2012-2013
Publicatie: Gevangenissen in oorlogstijd. 1940-1945 (Uitgeverij BOOM, 2015)
Samenwerkingsverband: NWO, Ministerie van Veiligheid en Justitie, Gevangenismuseum Veenhuizen

Meer informatie

Bij gevangenissen in de oorlog denkt men al snel aan onrecht en mishandeling. Toch was de werkelijkheid veel gecompliceerder. Het gevangenispersoneel leverde enerzijds diensten aan de bezetter die onderdrukking mogelijk maakten. Zij waren daarmee een cruciaal onderdeel voor de Duitse veiligheidsdiensten. Uit het onderzoek van Ralf Futselaar blijkt echter dat wanneer men de kans kreeg om de bezetter tegen te werken, of opgesloten verzetsmensen te helpen, ze deze meestal met beide handen aangrepen.

Dit werd gevoed door de oncollegiale houding van met name de Sicherheitsdienst. Ook door hun gruwelijke behandeling van politieke gevangenen - een nieuwe en in de ogen van Nederlandse medewerkers respectabele groep gedetineerden - werden de Duitse collega’s al snel als vijand gezien. ,,Zelf als zij, om de naoorlogse termen te gebruiken, het niets eens waren over wat precies ‘goed’ was, bestond er nauwelijks onduidelijkheid over wat ‘fout’ was.”

Gevangenissen in oorlogstijd besteedt niet alleen aandacht aan deze goed/fout/grijs-discussie. Naast de omgang met de politieke gevangenen en de Duitser bezetter zoomt Futselaar ook verder in op het leven van de ‘gewone delinquent’ en de noodzakelijke hervormingen van het gevangeniswezen die tijdens de oorlog hun aanvang vonden.

De oorlog betekende het einde van het systeem van eenzame opsluiting en het begin van resocialisatie. Het werd evident dat het Nederlandse gevangeniswezen aan hervorming toe was.